Oprukkende bomen

31 maart 2017

Leuk die lente en al dat groen. En al die vrolijke vogelzang om je heen. Die witte wolken op dat hemelsblauw. Die zachte streling van wind op je wangen. Je voelt je meteen jonger, terwijl je toch net een grijze winter ouder geworden bent. De hele natuur oogt vrolijk en vriendelijk. Maar schijn bedriegt.

De Sint-Vituskerk met in de voorgevel het Christusbeeld en geheel link mijn favoriete boom.

Let op de bomen. Dat zijn wrede niets ontziende beulen. Vertrouw ze nooit en hou ze oplettend in de gaten. Dat is evenwel onmogelijk want ze doen hun kwalijke werk zo geniepig langzaam dat het blote oog hun beulswerk nauwelijks kan waarnemen. Hoe intens je ook kijkt, je ziet niets veranderen aan een boom. Maar kijk je een dag later,  dan – verrek! – is er een knop ontstaan en een centimeter tak bijgekomen. Terugduwen gaat niet. De kracht van een boom is gigantisch en laat zich niet stoppen. Bovengronds kun je het nog een beetje in de gaten houden, ondergronds gaan bomen maar hun gang. Onbespied, ongetemd en ongehoord sluipen hun wortels door de aardse duisternis, boren zich door de gresbuizen van het riool, drukken de straattegels omhoog, maken verraderlijke verkeersdrempels op ongewenste plekken. Lees meer »

De dode dichter

1 maart 2017

Mijn oude school bestaat 150 jaar en alle lichtingen zijn opgeroepen om het feest bij te wonen. Zodoende drommen en schuifelen we met een paar honderd man door een onbekend gebouw op zoek naar de kapstokken, de aula, de toiletten en bekijken we elkaar met verbazing. We zijn oud, herkennen elkaar nauwelijks meer en lezen elkaars naambadges zonder al te veel hoop. Waar moeten we heen? Waar is het feest?
‘Ha, eindelijk een naam die ik ken’, roept een reünist  opgelucht. Grijs haar, brede glimlach, slecht gebit,  verkeerd eindexamenjaar. De naam op zijn badge zegt me niets.
‘Kennen wij elkaar?’
‘Ja, Jelte, iedereen kent jou toch!’
Wat een flauwekul. Het is lang geleden dat mijn naam regelmatig op de televisie was en nog veel langer geleden dat ik in dagblad Trouw schreef.
‘Jelte. Jelte Rep’, dringt de reünist aan, ‘van de schoolkrant! Dat was je toch niet vergeten?’

De schoolkrant bestaat 10 jaar. Gekostumeerd trekken de leerlingen naar de feestzaal.

De schoolkrant bestaat 10 jaar. Gekostumeerd trekken de leerlingen naar de feestzaal.

Lees meer »

Vleugelspeler

27 januari 2017
Ons minuscuul pleintje

Ons minuscuul pleintje

Bam – bwam – bwam – bwam – dwam – bwam – bwam – bwam – klats.

We wonen aan een minuscuul pleintje, niet groter dan 50 m2. Niet Dudok of andere ontwerpers hebben het bedacht, maar de buurt zelf heeft het ontworsteld aan het asfalt. We werden gek van al dat sluipverkeer door onze straat en gingen actie voeren met spandoeken, bezwaarschriften en rumoer. Zo werd ons pleintje geboren, als verkeersobstakel in onze woonwijk.

De 50 m2 worden omzoomd door onderhoudsarme struiken en herbergen een hufterbestendig bankje, een gele afvalbak en een straatlantaarn. De eeuwige wipkip hebben we tegen weten te houden, alsmede het klimrek, de glijbaan en de andere obstakels waarmee gemeentes graag hun openbare ruimtes volstouwen. Slechts een paar honderd straattegels, meer hadden we niet nodig.

Nu trekken peuters op driewielers er hun rondjes, maken kleuters er krijttekeningen en hinkelen er van 1 naar 10, roken pubers er hun stiekeme sigaretjes, stoeien giechelende meiden er met schreeuwende jongens, drinkt een zwerver er zijn goedkope alcohol, zoent een verliefd stelletje er onder het licht van de lantaarn, laat een aso er zijn hond ongegeneerd schijten, zonder de troep op te ruimen. Soms staat er een tent van oude gordijnen, heel soms een sneeuwpop. Rond een vuur  drinkt de buurt er ’s zomers met elkaar  koele wijn en ’s winters glühwein. Lees meer »

Good heavens!

31 augustus 2016
Lekker in het zonnetje.

Lekker in het zonnetje.

Zo, ik zit. Op een goddelijk plekje. Onder een goddelijk zonnetje. Op een heerlijke stoel, die zomaar voor me klaar stond. Ik schuif mijn Panama over mijn ogen en mijn gedachten wieken omhoog als leeuweriken. Samen kijken we omlaag en warempel: daar zit ik, duidelijk herkenbaar aan die witte hoed,  voor de deur van een cottage en omringt door een bonte parade van gele, rode en oranje bloemen. De deur is kaal en vergaan. De onderkant is opgevreten door de tijd, torren, knagers, beestjes. Zo’n deur waar de Fransen patent op lijken te hebben. Maar dit is niet de deur van tandeloze armoezaaiers. Dit is Kent, Engeland en de deur, als hij nog te bewegen valt, geeft toegang tot de South Cottage van kasteel Sissinghurst, wereldberoemd om zijn bloementuinen.

Deur van South Cottage

De verveloze deur van South Cottage

Ik heb niet zoveel met bloemen. Ik vind ze wel mooi, maar hun namen en hun families ken ik niet. Net zo min als ze mijn naam en mijn familie kennen. De tuinen zijn prachtig, maar ik maak geen buigingen om de naambordjes van al dat bloeiende schoon te lezen. Een bloem is een bloem is een bloem, nietwaar? Lees meer »

Bronzen zonnebloemen

8 augustus 2016

Het dorp is zo stil als een steen op een zerk. Het is zomer, het is vakantie en het is zondagmorgen. Stiller kan ons dorp niet zijn. Zelfs onze voetstappen worden haastig opgeveegd, voordat ze lawaai kunnen maken. Het is alsof er geen geluid meer bestaat, gewurgd door hels onheil dat geruisloos wil toeslaan.

Niemand is op straat. Ze zijn massaal gevlucht in dichte drommen over de zuidelijke snelwegen, in tenten en caravans ver weg, in vliegtuigen tot ver achter de horizon. Alleen een merel houdt stand. Plichtsgetrouw zingt hij zijn lofzang in het frisse ochtendlicht. Ingetogen maar dapper. Hij wil niet luisteren naar de onheilstijding die in de lucht hangt. Lees meer »

Het beeld kraakt

27 maart 2016

Ik had twee grootvaders. De ene zat in een invalidewagentje, de ander hing bij ons aan de muur. In onze woonkamer was geen andere plek voor hem dan een spijker door het behang. Een tafel, vijf stoelen, een volgestouwd dressoir, meer kon er niet in. ’s Winters kwam er nog een kachel bij en dan was het helemaal dringen. De wanden werden ingenomen door twee XXL-schilderijen, waarvan ik de dikke reliëflijsten had vervangen door simpele tengels, de luidspreker van de draadomroep met daarop een monnik van terracotta, waar zo vaak tegenaan gestoten was dat zijn hals voornamelijk bestond uit dikke lijm, en een worteldoek met koperen prullen boven de halfsteens schoorsteenmantel.

Portret van mijn pake.

Portret van mijn pake.

Zat je aan tafel – wat kon je er anders doen? – dan priemde opa zaliger met zijn strenge blik in je rug. In zijn politie-uniform zit hij hoog te fiets zijn gezag uit te stralen . Niemand die dichtbij durft te komen. De anders zo drukke hoofdstraat is leeg. Twee auto’s staan verlaten voor het pand van Albert Heijn. Iedereen is weggevlucht voor de kalm voort peddelende hoofdagent  met zijn spiedende ogen en zijn blanke sabel gebruiksklaar in zijn stuurklem. Wat doet ongeïdentificeerd persoon daar op de openbare weg met houten driepoot? Heeft hij een schriftelijke vergunning daartoe? Vormt hij geen beletsel voor het rijverkeer? Maar voor hij afstijgt voor nader onderzoek, heeft de straatfotograaf al de foto gemaakt, die jaar in, jaar uit op ons neerkijkt in onze krappe woonkamer.

Lees meer »

Wij weten dat we hem hebben gezien!

24 februari 2016

Het toetsenbord kijkt me koel aan. Weet ik de code nog? Mijn vingers prikken de vier cijfers. De massieve deur springt traag los. We mogen erin, Agnes en ik. Nu op weg naar het Bosviooltje, gang links, gang rechts, weer een deur. Bedeesd druk ik op het knopje van de intercom.
Ja-a, vraagt de speaker. Ik antwoord dat we voor de heer Prins komen.
O-o, reageert de speaker overrompeld. En dan: ik kom er aan!
Een opgewonden verzorgster opent de deur en kijkt ons onrustig aan.
Wat vervelend, verzucht ze. Komt u van ver? Meneer Prins ligt namelijk nog in bed, begrijpt u?
Schrik geeft een vuistslag op mijn hart. Nee, natuurlijk begrijp ik het niet. Er is toch niets ernstigs aan de hand met Henk? Een hartaanval, een beroerte, een wanhoopsdaad? Waren we maar vorige week gekomen. Dat had ook gekund. En nu zijn we misschien te laat. Shit, beste Hendrik, wat is er met je?

Drukte in Oudeschild, de toenmalige toegangspoort tot Texel.

Drukte in Oudeschild, de toenmalige toegangspoort tot Texel.

Lees meer »

Op stap door de buurt

26 januari 2016

Deze maand is één van mijn beste vrienden jarig. Ik ben een persoonlijke kennis en ik kan altijd met de gekste vragen bij hem terecht. Bijna altijd heeft hij een antwoord: Wikipedia, 15 jaar. Niet alleen hoeveel inwoners Monokwari heeft (130.000) of wat de sterfdatum is van Abraham Kuyper (8 november 1920, Den Haag), maar ook wat er In de buurt te zien is, een nieuw handigheidje van hem op mijn tablet. In de buurt is op 180 meter bijvoorbeeld een Heilig Hartbeeld. Dat wist ik natuurlijk zelf ook wel, maar niet dat het gemaakt is door de Vlaamse beeldhouwer Jozef Cantré (Gent, 1890 – 1957).

Het Media Park in Hilversum loop je zo binnen.

Het Media Park in Hilversum loop je zo binnen.

Om de verjaardag van Wikipedia te vieren maak ik aan zijn hand een uitstapje In de buurt. Op 790 meter van hier vond de moord plaats op Pim Fortuyn, laat Wiki weten. Ik had het pistoolschot kunnen horen, als ik thuis was geweest, zo dichtbij, maar op de plaats van het misdrijf ben ik nog nooit geweest. “De moord op Pim Fortuyn was een daad die op 6 mei 2002 in Hilversum werd gepleegd door Volkert van der Graaf”, doceert Wiki. “Dit was negen dagen voor de parlementsverkiezingen waarbij voor de politieke partij van Pim Fortuyn, de LPF, een grote zege werd voorspeld.”

Het was vooral een grote en beschamende schok, dat zoiets in ons brave Nederland kon gebeuren. En nog erger: bij mij om de hoek. Misschien was Volkert van der Graaf wel langs mijn huis gelopen op weg naar het Media Park, het geladen pistool in zijn zak. Wiki: “Star Firestar M43 (9 x 19 mm).” In Den Haag, waar het Torentje wachtte op de komst van Fortuyn, braken rellen uit, een auto werd in brand gestoken, de internationale pers stormde toe, news flashes op alle media. Lees meer »

Bedelbrief

29 december 2015

Aan het einde van het jaar trachten de goede doelen je klem te zetten, proberen ze je hart te breken met het schrijnende leed dat je een heel jaar op afstand hebt weten te houden en steken dan begerig je hun holle handen toe, uitgekookter dan de doortraptste bedelaar.
Plies, sul, plies,plies.

Goede doelen knokken om je medelijden.

Goede doelen knokken om je medelijden.

Geld geven geeft maar eventjes een goed gevoel, maar lost niets op. Mijn eurootjes staan machteloos tegenover de oliewinsten in het Midden-Oosten en die van de wapenhandelaren. Hoeveel procent winst maak je op een bom? Vijftig, honderd, 200? En hoeveel bommen vallen er dagelijks op Syrië alleen al? Hoeveel is de winstmarge op een kalasjnikov en hoeveel zijn er al verkocht in de hele wereld?

Als er echt vrede op aarde moet komen, moet de fabricage van elk wapentuig verboden worden. En ook graag dat ongenegeerde gebedel. Daar heb ik ook een hekel aan.
Lees meer »

Mijn ding

30 november 2015

Taal is ook mijn ding, maar dat taal leeft vind ik lastig. Het betekent namelijk dat je steeds opnieuw een dikke Van Dale moet aanschaffen. Die kost € 179,00. En aan de Van Dale officiële scrabblewoordenlijst ( € 24,99 ) moet ik sinds 2012 al 447 nieuwe woorden bijschrijven en 77 schrappen. Dat krijg ik nooit netjes voor elkaar.  En in de Scrabblewoordenlijst-app kan ik helemaal niets veranderen. Woorden, waarmee ik vier jaar geleden geweldig scoorde, worden nu bits afgekeurd.

Dat ook de spreektaal verandert vind ik helemaal jammer, zeker als dat om opportunistische redenen gebeurt. De NOS-sportverslaggever vond het kennelijk stoer en mannelijk om te melden dat de voetballers zeiknat waren door de regen. Zeiknat vind ik een ordinair woord, ongepast voor het podium van de NOS-televisie. Ik zou over dat woordgebruik pissig kunnen worden.  Gek genoeg klinkt pissig niet ordinair in mijn oren, terwijl beide woorden het over dezelfde vloeistof hebben.
Lees meer »