Verloren liefde

Het is al jaren uit tussen ons, maar ik moet bekennen dat ik soms heftig terug verlang naar mijn oude liefde. Want hoe gelukzalig was het niet om te geloven dat er een God was, die zielsveel van je hield, die je beschermde waar je ook was, die je hielp wat je ook probeerde, die je bliksemsnel om hulp riep als je met de bal aan je voeten op de keeper af stoof.
Lieve Heer, laat ‘m er in gaan!

Ik heb Hem jaren lang lief gehad en we hebben elkaar heel wat beloofd. Hij via de preekstoel en ik in mijn gebeden. Dat ik zo weinig mogelijk zonden zou begaan, dat ik kuis en oprecht zou leven, niemand kwaad zou doen, op zou komen voor de zwakken, altijd de waarheid zou spreken, respect zou tonen voor mijn ouders, dat ik mijn vrouw voor altijd trouw zou zijn en beschermen en dat ik onze kinderen zou opvoeden volgens de christelijke principes.

De kerk (inmiddels afgebroken) bood ons bescherming.

Maar mijn liefde bleek niet bestand te zijn tegen zijn wispelturige en duistere gedrag. Ik begon te twijfelen of hij echt wel zoveel van mij en van de hele wereld hield. Hij pretendeerde almachtig te zijn, alles te kunnen, maar hij liet toe dat mijn moeder op een stomme manier overleed, toen we haar nog lang niet konden missen, hij deed niets toen ik op straat dreigde dood te bloeden, hij deed niets toen mijn pancreas begon te haperen. Integendeel, hij liet toe dat ik in mijn leven dreunen moest incasseren, die geen enkel nut hadden. Om maar niet te spreken van de rampen en de ellende waarmee anderen worden gegeseld en helemaal nodeloos zijn.

Het begon mij te irriteren dat hoezeer ik ook verlangde, ik nooit nader tot hem kwam. Als je zoveel jaren met elkaar optrekt, al je geheimen en overwegingen met hem deelt, dan moet er toch iets van wederzijds begrip ontstaan? Maar nee, steeds moest ik gissen en raden naar zijn bedoelingen. Ik kon hem gewoon weg niet leren kennen, want hij hield altijd zijn mond. Hoe vaak heb ik niet gevraagd: wat wil je van me, wat wil je dat ik doe, waarom mag ik leven als ik uiteindelijk toch dood ga. En wat gebeurt er met ons als we dood zijn? Waarom hou je dat zo koppig voor je? Alle mensen, die er zijn en geweest zijn, hebben zich dat afgevraagd en geen een, zelfs de allerknapste kop niet, is het aan de weet gekomen. Kleine moeite toch voor een almachtige god om ons dat mee te delen? Het zou ons van heel wat gepieker verlossen, tijd die we aan nuttigere zaken hadden kunnen besteden.

De mens schiep god.

Ik heb onze relatie verbroken en nu ben ik van God los. Of beter gezegd: ik ben los, want uiteindelijk ben ik tot de conclusie gekomen dat God een schepping van de mens is, en niet andersom. Hij is een bedenksel, bedoeld als antwoord op alles wat we niet snappen en waar we bang voor zijn. God is een geweldige uitvinding, die in veel behoeften voorziet. Hij geeft troost, hoop, vertrouwen, moed en voorkomt paniek.

Als g’in nood gezeten / Geen uitkomst ziet,
Wil dan nooit vergeten: / God verlaat u niet.
Vrees toch geen nood / ’s Heeren trouw is groot
En op ’t nachtelijk duister / Volgt het morgenrood.
Schoon stormen worden / Ducht toch geen kwaad;
God zal u behoeden, / Uw Toeverlaat!

Toch verlang ik wel eens terug naar die God, die Almachtige, die Alles-Kunner. Maak Johan gauw weer beter, zou ik graag willen bidden. Of troost Marijke. Laat de operatie goed verlopen. Help Peter in zijn eenzaamheid. Bescherm mijn kinderen in de mistige ochtendspits. En waak over mijn kleinzoon als hij op zijn fietsje door de straten wiebelt.
Lieve Heer, bescherm hem alsjeblieft, houd zijn hand stevig vast en zorg dat iedere auto hem ziet en ontwijkt.
Maar bidden kan niet meer.

Eén reactie op “Verloren liefde”

  1. ella weisbrod zegt:

    Lieve Jelte,
    Je bent een Kuitert-aanhanger geworden! Ook niet erg, hoor.
    We praten er misschien nog wel ’s over.
    Liefs van Ella

Laat een reactie achter

*
Om te voorkomen dat er veel nep reacties worden geplaatst is deze code verplicht
Anti-Spam Image